Op het eerste zicht lijkt het verbazingwekkend hoeveel service stations er langs de weg zijn in dit eerste deel van Rusland. Maar mannen weten al snel waarom. Gedurende vijf uur worden onze wagens behandeld als een banaancocktail, geschud door een drilboorarbeider met Parkinson. Dan verschijnen de eerste tekenen van maatschappelijke en sociale cohesie. De houten schuurtjes met gefnuikte ambitie op de vastgoedmarkt maken plaats voor relatief luxueuze buitenwijken. De symbolen op de wegborden zijn trouwens ook ietwat anders hier. Regelmatig wordt onze aandacht gevraagd voor het feit dat we ons een paar honderd meter verderop kunnen verwachten aan opstijgende herten of twee rennende figuurtjes die aan elkaars oksel ruiken.

Toch is dit nog niet de echte voorstad van Saint Petersburg. Die maakt zichzelf snel kenbaar. De ruime beboomde lanen verdwijnen en worden vervangen door flats, flats, en flats. En daarnaast flats in aanbouw. Bouwen, jongens, bouwen die handel. Al die appartementsgebouwen zetten zichzelf niet. Een lege vierkante meter die geen werf is, is meestal een parkeerplaats. Na de werven komen de bewijzen van een planmatig industrieel verleden. Stadsarchitecten hadden toen nog betonquota die moesten gehaald worden. En socialisme. Dat is iets met mensen. Die kan je bijvoorbeeld bij mekaar zetten in gigantische fabrieksgebouwen. Of in administratietorens die de natte droom lijken van een bureaucraat met een archiefdozen-fetish. En dan liefst plaatsen ze die nog temidden van de slaapwijken zodat er efficienter kan gependeld worden.

Om het kwartier klinkt het door de walkie talkie dat we er ongeveer zijn. Er gaan vele zulke kwartieren voorbij. Dus wordt er besloten eens de weg te vragen. Onze kaart van de noordelijke hemisfeer blijkt immers onrechtvaardig weinig aandacht te schenken aan de straatdetails van St Petersburg. Maar met behulp van een stevige brok intuitie en ook een beetje het stratenplan van een sympathieke senior trompettist, lopen de zaken behoorlijk vlotjes.

Wanneer we de brug over de enorme stadsrivier oversteken, wordt de achtergrond van de stad opgelicht door een gigantische vuurbal. De volgende dag blijkt het te gaan om de ontploffing van een slecht onderhouden gasinstallatie. (Al spraken de eerste berichten over een meteorietinslag. Niemand die daar vreemd over deed. De kritische ingesteldheid ten opzichte van officiele berichtgeving staat hier nog enigszins in zijn kinderschoenen. Nu ja, bij ons geloven de mensen ook dat de begroting alweer sluitend is. Maybe they just don’t care.)

Na enig verder zoekwerk tussen de Peterburgse woonwijken, arriveren we tegen halfdrie ‘s nachts op onze slaapplaats bij Maria, wederom een bijzonder sympathieke jonge Russische dame. En parkeren de wagens in een van de beveiligde parkings die hier in grote getale aanwezig zijn.

De volgende dag worden we op sleeptouw genomen door Elena, een charmante en energieke Russische zakenvrouw, en eveneens administrator van de Pouchkine Foundation. De ochtend wordt besteed aan het voorwerp van onze charity-activiteiten: het centrum voor kinderkankeronderzoek, in een ziekenhuis net buiten de stad. Het geheel van opnames met de -voor de verandering duidelijk Engels sprekende- hoofddokter van de afdeling, verlopen erg vlot. Pediatrische kanker blijkt veel beter behandelbaar dan die bij volwassenen. En meteen wordt duidelijk waar de budgettaire schoen wringt. De overheidsdotaties zijn de laatste jaren weliswaar gelukkig enorm verhoogd, en geven het centrum de ruimte om jaarlijks miljoenen roebels te spenderen aan de dure –want gepatenteerde- medicijnen. Maar het is erg moeilijk om toestemming te verkrijgen voor enige andere noodzakelijke uitgaven. Zelfs voor de meest triviale elementen. Bijvoorbeeld aan reparatie van de waterleidingen. Daarom hebben prive-giften, hoe relatief ook ten opzichte van die grote subsidies, zo een bijzonder grote impact. De Pouchkine Foundation, die het peterschap van deze afdeling op zich heeft genomen, zamelt dit jaar geld in voor ondermeer een cardiometer en voor de herstelling van de kranen in de ruimtes waar de moeders met hun behandelde kinderen kunnen eten.

Het eerste deel van de namiddag brengen we door in het Pouchkine Museum, gelegen in het prachtige oude stadsdeel van StPetersburg, niet zover van het Hermitage. En vervolgens overtuigt Elena ons om de rest van onze wel erg beperkte tijd te spenderen aan een boottocht doorheen de stad. Een fantastisch idee, zo blijkt.

Even de twee essentials over StPetersburg. Primo, de stad is driehonderd jaar geleden vanuit het niets als nieuwe hoofdstad opgebouwd door ene tsaar Peter De Grote. Dus amper vervallen gebouwen. Alles nieuw. Zo goed als. En –secundo- ze is volledig op de cultuur van het toenmalige West-Europa geinspireerd. De stad was, en is nog steeds, het creatieve centrum van het Russische rijk. Maakt meteen ook duidelijk waarom StPetersburg zo een verrassend mooie en vooral erg romantische stad is.

Tegen een uur of tien sluiten we de avond af in het restaurant van Anastasia, een goede kennis van Elena. Anastasias specialiteit is de echte Russische keuken. En hey, laat dat nu net zijn waar we zin in hebben. Bring on the borsjt! We worden vervoegd door Elena’s welbespraakte dochter Anne-Maria. En eveneens Maria, bij wie we ook de tweede nacht blijven slapen, komt mee eten. In Rusland blijkt het geluk te brengen om te zitten tussen twee gelijknamige mensen. (Dat merken we later op de baan ook een paar keer als Pedro en ik onze naam zeggen. Ze komen dan steeds tussen ons in staan). Ik zit tussen de twee Maria’s en mag een –stille- wens doen.

My god, Russen zijn fantastische, hartelijke mensen.

P’’’

Typen op een baan met spoorvorming om u tegen te zeggen (‘U!’), eveneens voldoende om de Zenne af te leiden, is geen sinecure. Sinds gisteren kreunde en kraakte Rita heviger onder de onze atletische torso’s, of lag het werkelijk aan de weg? Deze dame op leeftijd werd dan even onder de loepe genomen door het Ides & the mechanics. Wat vet inspuiten – dit als protest tegen al de Westerse wellnessklinieken- en ook een heel klein beetje om het zorgwekkend gekraak tegen te gaan.

Hiernet kreeg ik als passagier een half zonnescherm op mijn neus, de aanhechtingsvijs had er genoeg van. Voorlopig geen probleem wegens halfzonnig.

Voor een uitleg met meer jargon en heroпsche heldendaden omtrent de bolides volgt ongetwijfeld meer door het magische mechanische tweetal.

Geert

Na 3 dagen ongeschoren er bij te lopen, werd geopperd waarom laten we die handel niet staan tot in Peking waar we de begroeiing er met een plaatselijk verroest lemmet in een achterhuis waar Karate Kid 3 (of Gaston en Leo in Hong Kong) is opgenomen laten verwijderen door een lokale eenoog. Gewoon omdat zulks fijne beelden oplevert.

Een week later zijn er twee type baarden die de groep pijnlijk in twee splijt. Je hebt de volle baarden (Pedro en mijzelf) en de halfvolle baarden(Stef, Ides en Peter). Negeer elke vergelijking met melk, te laat waarschijnlijk, want we blijven immers mannen die op testosteron en adrenaline naar Peking rijden en indien nodig lopen of zelf flikflakken. Ik ben benieuwd hoe het verder groeit. Alle opnames nu zijn gewoon lekker on hair.

In Peking maken we dan een ‘voor en na’-foto, gewoon omdat dit geweldige Flair-concept internationale aandacht verdiend. Mannen die naar Peking varen, moeten met baarden zijn.

Geert

Veel Russen wisten ons weinigs goed te zeggen over Moskou, gigantisch groot, dat wel, maar voor de rest vooral bijzonder veel verkeer, onveilig en buiten het Kremlin en het Rode plein niet echt veel te zien. Voor ons was er in Moskou echter nog wel wat meer te zien, iets wat niemand ooit al in Moskou gezien had: Stef zou ons eindelijk vergezellen. Goed nieuws ook voor ons slaaptekort, want met vijf slaap je meer uren dan met vier.

Gewapend met 2 wagens, 1 pillamp, een kaart en geen gevoel voor oriлntatie waren we perfect voorbereid om hem uit het centrum van de RF weg te kapen vooraleer het nieuws de ronde deed. Het plan was om 1800 u, de realiteit om 0100. Weliswaar in ware James Bond stijl en met de nodige U-turns konden we onze koperen kogel veilig in Dennis placeren. Het weerzien was een feest.

Na een 2 uur durende zoektocht naar een hotel konden we eindelijk beginnen ‘decompresseren’, absoluut noodzakelijk na een dag in de wagen. Met lege magen (we hadden weer eens moeten kiezen tussen diesel en eten) veroverden we de minibar alsof het op kosten van het werk was.

Morgen is het een rustdag, eindelijk kon er wat bijgeslapen worden.

Moskou is naar het schijnt de duurste stad ter wereld en dat lokt behoorlijk wat steenrijk volk aan. Decadentie troef, elke 10 minuten passeren er limousines. Ferrari, Lamborghini, etc, je koopt het allemaal in het centrum van de stad, tja, als je dan toch in tstad moet zijn… Sommigen hebben zelfs een persoonlijke parapluman in geval van regen. (om niet uit de toon te vallen hadden wij ons ook een aangeschaft, Pedro deed dat zeer goed).

Iedereen genoot van een dagje sight-seeing waarbij we bij verschillende Russen interviews afnamen, we hadden zelfs het geluk te mogen praten met een werknemer van de FSB die bijzonder geinteresseerd was in ons filmmateriaal. Nadien bleven verschillende mannen ons zelfs van op grote afstand van langsachter in het oog houden of we de weg niet kwijt zouden geraken. Die Russen, een zeer sympathiek volkje (zelfs de FSB-man gunde ons een glimlach).

Als je ooit in Moskou gaat eten, 1 aanrader, de Yolkie Polkie, the place to be voor Borst met slappe lach en goedkoop bier (yep, al koppijn als je er naar keek). Na het heerlijke eten doken we nog even dieper de stad in waar we enkele sympathieke Kazanezen ontmoetten (Kazan, de parel aan de Wolga, wat een stad is dat! Zie verder) die ons zowaar nog dieper de stad mee innamen.

Harde stad ook wel, junkie in de metro met een overdosis, armen onder het bloed, levensloos, maar hij reageert wel als ik hem in de armen knijp. Wat verder staan er Metro-guards, ze zijn al op de hoogte maar lijken niet veel te doen. Onze Kazaneze vrienden zijn al naar de politie aan het bellen. Komen ze af? Geen idee. Doorstappen en niet meer omkijken. Moskou eindigt met de harde realiteit van een land met zeer grote contrasten.

Maar leve Rusland en zijn inwoners, gastvrij, vriendelijk en super behulpzaam! Dat beeld van de grote boze Rus, man toch, wat een vergissing.

Ides

De dato 12 juni, anno 2007 omstreeks 20u23 werd ik tijdens een partijtje voetbal fair getackeld door een beminnelijk man, resultaat linker zijtak van rugewervel L3 gebroken.

Verdict: 2 maanden geen sport en 6 weken revalidatie.

5 weken in een auto zitten bleek niet meteen de definitie voor revalidatie te zijn. Gewoon om de bezorgdheid bij dader (nu ook kersvers vader, ik hoop dat hij daar ook dader is) en omgeving wat weg te nemen, het loopt vlot zonder pijnstillers, zelf met Stef zijn geraffineerde rijstijl waar al eens vlot een paar versnellingen worden overgeslagen- en dit niet uit racistische overwegingen (tov versnelling 2 en 4), laat staan uit onkunde. Maar ach, dat negeren we vlotjes want het is zijn eerste keer in Rita en zij laat mannen niet zomaar haar stuur nemen, ook niet door de Koperen Kogel.

Geert

Zon overdag

Maan ‘s nachts

Tot zover dit gedetailleerd verslag

Tot later met meer weer (en snor zoals de Frank)

 31 juli & 1 augustus - We komen in een gebied dat leest als kruiswoordraadsel-oplossingen. Volga, Perm, Minsk, … en “Hoofdstad van Tatarstan, vijf letters vertikaal”: Kazan.

Onze gastvrouw van de avond is Amina, een zestigplusser die eigenlijk niet goed wist dat we langskwamen. Haar dochter had alles voor ons geregeld, maar die was nu aan het terugliften vanuit het Baikalmeer. Maar Amina ontvangt ons des te hartelijker, zelfs al is het middernacht wanneer we toekomen. Ze blijkt een boeiende vrouw, die nog maar zeven jaar in Kazan woont. Daarvoor heeft ze twintig jaar geleefd in Kamtsjchatska, een tot 1991 volledig voor buitenlanders (en zelfs voor de gewone Russen) afgesloten stad in het Noord-Oosten van het Russische rijk, vlak tegen de grens met Alaska. Die plek wisselde ze af met een aantal reizen voor haar hobby, het bergbeklimmen. Nu leeft ze in de kleine flat van haar ouders, en vult ze haar pensioen aan met enig avondwerk in een grote bank.

Bovendien is Amina erg belezen, spreekt ze vrij goed Engels, en blijkt ze de bestgewenste gids om ons de volgende dag rond te leiden in het witstenen kremlin van Kazan. U hebt nog nooit gehoord van Kazan? Velen met u. Toch is het een stad met meer dan een miljoen inwoners. Alhoewel het ‘s winters hier tot minus 50 Celsius kan gaan, is het vandaag een heerlijke 28 graden in volle zon. Kazan vierde in 2005 haar duizendjarig bestaan. Anderhalve eeuw ouder dan Moskou dus. Ter gelegenheid daarvan werd de hele binnenstad vernieuwd, alsook een indrukwekkende blauwe moskee gebouwd midden in het kremlin. Toen we de stad de vorige nacht binnenreden richting Amina’s flat, hadden we vooral flatgebouwen gezien. Een dikke duizend flatgebouwen, de een al –euh- socialer dan de andere.

Maar dat blijkt slechts een fractie van de echte stad. Die is prachtig, en met zijn heuvelachtige binnenstad aan de rand van de Volgarivier doet ze denken aan de betere delen van San Francisco. De trams helpen ook. Vlaanderen Vakantieland, eat your heart out.

We verlaten alle vijf tegen de late namiddag Amina en Kazan met een lichtjes onthutst gevoel. Een beetje belachelijk dat we hier maar een paar uur kunnen zijn.

P’’’

De Oeral. Dagelijks denderen er hier honderden vrachtwagens over erbarmelijke wegen. Onze training op de Poolse wegen komt ons goed van pas om onze beestjes hier veilig tussen te manoeuvreren. Polen is Rusland echter niet en dus waren we niet voorbereid op de ‘imaginaire volle witte lijn’. Ok, we vermoeden wel dat deze mysterieuze streep zich ergens bevindt in het midden van de weg, maar waar exact dat weet alleen de lokale politie.

Ze moeten geweten hebben dat wij ze niet wisten liggen want bij het voorbijsteken van de zoveelste camion hielden ze ons tegen. De deal ging als volgt, wij geven onze autopapieren, paspoort en rijbewijs af en zij zeggen waar de lijn precies ligt. Uit de wagen, mee naar die van hen, ga maar zitten. Allemaal heel vriendelijk, dat wel.

Maar dan,‘Straf!’, zwaaien met het rijbewijs, ‘njet‘, ‘Straf!’. Ok, ok, we zullen die boete voor het kruisen van de imaginaire volle witte lijn wel betalen maar geef dat rijbewijs alstublieft terug, ik heb geen goesting om 3 weken vanachter in Dennis te liggen lummelen. Het blijkt gelukkig om een geld-boete te gaan. Hij neemt zijn boete-boekje en begint te schrijven. Een eerste Russische vraag wordt afgevuurd. Euh, Belgium? Dezelfde vraag opnieuw. Belgski?

Gezucht, boete-boekje weg, alle papieren terug en bzzz, bzzz, maak dat je wegkomt.

De Russische politie, ze houden van toeristen.

Ides

Rusland bevat vele randfacetten die pas langzaam йcht beginnen op te vallen na een tijdje on the road. Eentje daarvan zijn de vele mensen die een fiscaal vrijgesteld graantje trachten mee te pikken. We hadden het eerder al over de Poolse bosnimfen die je ook in Rusland terug ziet opduiken, zij het veel minder. De prullaria-verkopers zijn eveneens weer van de partij. Zelfde doelgroep, ander aanbod. Hun assortiment bestaat vooral uit doorzichtige opgeblazen plastic zwembaden, werkelijk enorme pluche beesten, en strandhanddoekversies van de plaatselijke Pirelli-kalenders. You get the idea… En dat in bouwvergunningvrije winkels van soms 10 meter lang, tussen twee dorpen in langs de kant van de weg. De mini-versies van deze marktduwers zijn de fruitverkopende oudjes langs de wegen aan de dorpen. Zitten de godganse dag op een omgekeerde emmers in de berm te staren naar hun twee glazen potten met bessen of paddestoelen. Hoe was het vandaag op het werk? Mwoah…

Of wat dacht je van het legioen privйtaxis in de grote steden? Onder namen als Catch-a-Car verdienen jongeren wat bij om andere jongeren van het ene naar het andere stadsdeel te transporteren. Liefst in oude Golfjes of Lada’s met geblindeerde ruiten en een spoiler afkomstig van een afgedankt Tupolev-vliegtuig. Diegene die wij in StPetersburg namen, had een breedbeeld achteruitkijkspiegel waarmee je volgens mij de hele Kaukasus kon overschouwen.

Als je gespecialiseerde hulp nodig hebt voor een wagenprobleem, brengen de reguliere garagisten je wel naar de niet officiele garages in ex-legerbasissen. Kwestie dat de voormalig kolonel ook eens zijn medisch-mechanische mening kan geven.

En soms … soms maak je iets met niets. Neem een gewoon openbaar stukje straat parallel met een grote laan, een op de berm geparkeerde bolide met ingebouwde DVD-speler, en een man die eruitziet alsof hij de vader van vele kwaadaardige bulldogs is. En hop: je hebt een bewaakte betaalparking in Kazan.

Wat we voorlopig nog niet zijn tegengekomen, is de cliche corrupte politieagent. Er zijn nochtans erg veel politiecontroles langs de weg. Zij pikken er at random stoute jongens uit voor een nadere controle van de papieren. En alhoewel we reeds vele malen zijn uitgehaald (waarvan soms ook wel terecht, als we eerlijk zijn. En dat zijn we toch?), kwamen we er altijd met een saluutgroet of een waarschuwing vanaf. Bovendien steevast vergezeld van een glimlach. U gaat vast haast geloven dat we het verzinnen vanwege een bepaalde censuur, of een deal met het toerismebureau. Quod non.

P’’’

Gepakt en gezakt stond ik in Mockba airport. In mn koffer zaten een aantal onderbroeken -veel te weinig zo blijkt na 7 ongewassen dagen- en een rits vooroordelen. Na een week is het misschien tijd om de vooroordelen eens aan de waarheid te toetsen. Een kort overzicht:

Vooroordeel 1: de aarde is rond.
Na een paar honderd kilometer door het Siberisch laagland begin ik stevig te twijfelen aan de rondingen van de aarde. Het is hier namelijk plat, ongelooflijk plat, zo plat dat zelfs een lamentabele Belgisch wielrenner met hoogtevrees hier de bolletjestrui zou kunnen winnen in de Ronde van het Siberisch laagland, of beter de Streep van het Siberisch laagland. Bochten heb ik hier de laatste honderden kilometers namelijk niet meer gezien, enkel berken, grasland, berken, grasland, berken, grasland, berken, berken en nog een paar berken. Een andere verklaring voor het numeriek overwicht aan berken is dat ze alle boomstammen wit geschilderd hebben, maar dat lijkt me weinig waarschijnlijk aangezien hier weinig is buiten grasland en berken. Het landschap is hier alleszins verbluffend eindeloos. Als je dit ziet, zou je inderdaad overwegen om iemand op de brandstapel te gooien. Galileo will burn in hell!

Vooroordeel 2: de Russen leven het leven door een grijze bril.
Buiten die enkeling die terugkomt van een tandartsbezoek zien wij hier enkel lachende mensen. Vriendelijk, grenzeloos behulpzaam en gastvrij. Het beeld van het grauwe Rusland met te ernstige mensen en grauwe beelden klopt in de verste verte niet. In alle steden ademt een zuiders windje, lekker relaxed. Onveiligheid is een woord dat niet in de lokale woordenboeken staat en de mensen lijken niet op de verwachte alcoholiekers. Overal waar we komen worden we met de glimlach en thee ontvangen, terwijl buiten de Harry Potter en de hipste gsm’s de wet dicteren. Waarom niet meer mensen naar Rusland reizen, het blijft een raadsel? Of iedereen moest een fervente Modern Talking hater zijn, want deze 80’s gaylords hebben hier blijkbaar de tand des tijds tandheelkundig wonderwel overleefd.

Vooroordeel 3: in Rusland ben je veilig voor de vloek van Gene Bervoets.
Gene Bervoets: je bent er voor of je bent er tegen. Wel laat ons stellen dat ik op zn zachtst gezegd tot het tweede kamp behoor. Ik hoopte dan ook hier veilig te zijn voor alle Gentse waterrotzooi op tv. Niets was minder waar. In een duister baanrestaurant in het holski van Plutoski kookt zeepsmoel -excusez-moi le mot- Gene Bervoets lustig door in een Russisch gedubte versie. Volgende keer plan ik een reis naar de maan…

Vooroordeel 4: tijd heb je te over.
Klopt niet, maar volgende keer meer daarover. Want nu moet ik dringend weg.

Davaai,
Stef